Archieven Het Utrechts Archief Het Utrechts Archief

1894 Vervoerregio Utrecht i.o
Uitleg bij archieftoegang

Een archieftoegang geeft uitgebreide informatie over een bepaald archief.

Een archieftoegang bestaat over het algemeen uit de navolgende onderdelen:

• Kenmerken van het archief
• Inleiding op het archief
• Inventaris of plaatsingslijst
• Eventueel bijlagen

De kenmerken van het archief zijn o.m. de omvang, vindplaats, beschikbaarheid, openbaarheid en andere.

De inleiding op het archief bevat interessante informatie over de geschiedenis van het archief, achtergronden van de archiefvormer en kan ook aanwijzingen voor het gebruik bevatten.

De inventaris of plaatsingslijst is een hiërarchisch opgebouwd overzicht van beschreven archiefstukken. De beschrijvingen zijn formeel en globaal. Het lezen en begrijpen van een inventaris behoeft enige oefening en ervaring.

Bij het zoeken in de inventaris wordt de hiërarchie gevolgd. De rubrieken in de inventaris maken deel uit van de beschrijving op een lager niveau. Komt de zoekterm in een hoger niveau voor, dan voldoen onderliggende niveaus ook aan de zoekvraag.

beacon
Inleiding
Vervoerregio Utrecht (i.o.)
1894 Vervoerregio Utrecht i.o
Inleiding
Vervoerregio Utrecht (i.o.)
Per 1 januari 1985 trad een nieuwe Wet Gemeenschappelijke Regeling in werking. Op grond van die wet waren Provinciale Staten verplicht voor 1 januari 1986 de provincie in te delen in samenwerkingsgebieden. Eén van die samenwerkingsgebieden in de provincie Utrecht werd Midden- en West Utrecht.
In 1990 is er een notitie verschenen inzake de ontwikkelingen van het vervoer in de regio Utrecht. Door het oprichten van een vervoerregio zou dit een middel kunnen zijn om de doelmatigheid en doeltreffendheid van het beleid inzake het personen- en goederenvervoer binnen de regio te bevorderen.
Als uitgangspunten voor de vervoerregio zouden moeten gelden:
- Het vaststellen van het verkeers- en vervoersbeleid kan niet beperkt blijven tot een gemeente
- Het vaststellen van het verkeers- en vervoersbeleid is geen zelfstandige taak van de provincie
- Er ontstaat geen vierde bestuurslaag
- Utrecht vormt het centrum van de vervoerregio.
Gezien vanuit de feitelijke verkeers- en vervoersrelaties zouden de volgende gemeenten tezamen de vervoerregio vormen: De Bilt, Bunnik, Driebergen-Rijsenburg, Houten, Maarssen, Maartensdijk, Nieuwegein, IJsselstein, Utrecht, Vleuten-De Meern en Zeist. Motieven hiervoor waren:
- 80% van de bewegingen in- en vanuit Utrecht komen uit de randgemeenten
- Driebergen heeft een nadrukkelijke relatie met Zeist
- IJsselstein heeft een nadrukkelijke relatie met Nieuwegein
- Op andere terreinen is dit eveneens een overlegplatvorm.
Voorts werd er gekeken naar de samenwerkingsvormen, want de vervoerregio moest een zo groot mogelijk gebied bestuurlijk slagvaardig handelen. Ook kwam naar voren dat het verkeers- en vervoersbeleid relaties had met andere beleidsterreinen, zoals wegbeheer, volkshuisvesting, ruimtelijke ordening e.d. Omdat er geen plaats voor een zogenaamde vierde bestuurslaag was, moest de samenwerking passen binnen de driedeling rijk, provincie en gemeente. Ook werden de mogelijkheden onderzocht voor lichte of zware vormen van samenwerking. Een vorm van samenwerking via de Wet Gemeenschappelijke Regelingen of door middel van Bestuursovereenkomsten. Uiteindelijk is gekozen voor het laatste.
In 1991 kwam er een Intentieverklaring voor het instellen van Vervoerregio’s in de provincie Utrecht met als bijlage een afsprakencomplex. In genoemde intentieverklaring stond dat met de opzet van een vervoerregio kon worden gestart door het Regionaal Bestuur Utrecht.
De Vervoerregio Utrecht i.o. startte met 12 gemeenten en er werd afgesproken om een Regionaal Verkeers- en Vervoerplan (RVVP) op te stellen. Naast het maken van een Regionaal Verkeers- en Vervoerplan werd er geadviseerd over fietsprojecten, openbaar vervoer, verkeersveiligheid e.d.
De Vervoerregio had de volgende overlegorganen: Overleggroep, Algemeen Bestuur, Wethoudersoverleg en het Kernoverleg. De Vervoerregio heeft tot 1995 gefunctioneerd en is altijd een Vervoerregio in oprichting (i.o.) gebleven. Haar taken zijn in dat jaar overgenomen door de Bestuur Regio Utrecht (BRU).
Archief en inventarisatie
Addendum
Inventaris
Erfgoedstuk

Kenmerken

Datering:
1990-1996
Toegangstitel:
Inventaris van het archief van de Vervoerregio Utrecht i.o. 1990-1996
Auteur:
G. van Lenning
Datering toegang:
2008
Datering bewerking:
2020
Openbaarheid:
Volledig openbaar
Rechtstitel:
Overbrenging van een overheidsarchief
Omvang:
1,75 m