Archieven Het Utrechts Archief Het Utrechts Archief

RDO-NA Ridderlijke Duitsche Orde Balije van Utrecht
Uitleg bij archieftoegang

Een archieftoegang geeft uitgebreide informatie over een bepaald archief.

Een archieftoegang bestaat over het algemeen uit de navolgende onderdelen:

• Kenmerken van het archief
• Inleiding op het archief
• Inventaris of plaatsingslijst
• Eventueel bijlagen

De kenmerken van het archief zijn o.m. de omvang, vindplaats, beschikbaarheid, openbaarheid en andere.

De inleiding op het archief bevat interessante informatie over de geschiedenis van het archief, achtergronden van de archiefvormer en kan ook aanwijzingen voor het gebruik bevatten.

De inventaris of plaatsingslijst is een hiërarchisch opgebouwd overzicht van beschreven archiefstukken. De beschrijvingen zijn formeel en globaal. Het lezen en begrijpen van een inventaris behoeft enige oefening en ervaring.

Bij het zoeken in de inventaris wordt de hiërarchie gevolgd. De rubrieken in de inventaris maken deel uit van de beschrijving op een lager niveau. Komt de zoekterm in een hoger niveau voor, dan voldoen onderliggende niveaus ook aan de zoekvraag.

beacon
Inleiding
Ridderlijke Duitsche Orde Balije van Utrecht
Geschiedenis van het archief en verantwoording van de bewerking
Bijlagen
1. Concordantie op Inventaris van het archief van de Ridderlijke Duitsche Orde Balije van Utrecht (940) 1200-1811 (1827) door Ph.J.C.G. van Hinsbergen, bewerkt in 2018
N.B. Naar aanleiding van de bewerking van het archief van de Ridderlijke Duitsche Orde Balije van Utrecht over 1811-2006 zijn een aantal inventarisnummers uit het archief van voornoemde orde over 1200-1811 (in 1955 en 1982 beschreven en in 2018 bewerkt) overgebracht naar het archief over 1811-2006.
2. Catalogus van de verzameling munten, geslagen door de Hoogmeesters van de Duitsche Orde
N.B. De munten zijn in 1872 door G.A.A.C. Baron von Knobelsdorff, commandeur van Tiel, geschonken aan Ridderlijke Duitsche Orde Balije van Utrecht
Erfgoedstuk
3. Lijst van landcommandeurs van de Ridderlijke Duitsche Orde Balije van Utrecht vanaf 1231
N.B. De eerste ridders op de lijst (tot en met Herbaren van Drongelen) waren commandeur van Utrecht, toen er nog geen sprake was van een afzonderlijke Balije van Utrecht. Vanaf Johan van Hoenhorst is het hoofd van het Duitse Huis te Utrecht te beschouwen als landcommandeur. Achteraf zijn ook de voorafgaande commandeurs als landcommandeur meegenomen. In de spelling van de namen duiken verschillende varianten op. De spelling uit de meest recente studies, zoals die van Rombert Stapel, is overgenomen voor deze lijst. Over de jaartallen vóór 1360 bestaat de nodige onzekerheid. Commandeurs die niet voorkomen in de Kroniek van de Orde en die ook niet zijn afgebeeld in de portretreeks, zijn niet in deze lijst opgenomen. Bij het vermelden van de adellijke titel is uitgegaan van de opschriften op de landcommandeursportrettten. De lijst is gebaseerd op de volgende literatuur:
Hedde Biesma, Ridders in een klooster. Het Duitse Huis in Utrecht (Utrecht, 1999).
Daantje Meuwissen, Gekoesterde traditie. De portretreeks met de landcommandeurs van Utrecht van de Utrechtse Balije van de Ridderlijke Duitsche Orde (Hilversum, 2011).
Rombert Stapel, The Utrecht Chronicle of the Teutonic Order. A History of the Crusades in het Holy Land, Prussia and Livonia (edition and translation) (Londen-New York, 2024).
De lijst is samengesteld door Prof. dr. R.E de Bruin.
Erfgoedstuk

Kenmerken

Datering:
1811-2006
Toegangstitel:
Inventaris van het archief van de Ridderlijke Duitsche Orde Balije van Utrecht (1719) 1811-2006 (2023)
Auteur:
H.A.R. Hovenkamp
Datering toegang:
2025
Notabene:
Dit archief berust in het depot van de Ridderlijke Duitsche Orde aan de Springweg te Utrecht en is momenteel in verband met een bewerking niet opvraagbaar
Openbaarheid:
Op het archief is een openbaarheidsbeperking van 100 jaar van toepassing. Eerdere inzage in niet-openbare inventarisnummers is slechts mogelijk na toestemming van de beheerder van de archieven bij de Orde
Omvang:
50 m
Categorie:
  • Zonder categorie