Menu Item ID: Activiteiten
Wisselexpo
Vrijetekst-sidebar:

 

 

De 17e eeuw staat bekend als de Gouden Eeuw. Maar het jaar 1672 - 1673 was voor Utrecht vol met rampen. In de tentoonstelling 'Rampjaar', was te zien en te horen hoe Utrechters deze periode beleefden. 

 

Rampjaar

Het jaar 1672 was voor de Republiek een regelrecht rampjaar. De Republiek werd van alle kanten aangevallen: een coalitie van Frankrijk, Engeland, Münster en Keulen dreigde met een inval over land en Engeland bereidde een invasie voor over zee. De opmars vanuit het oosten stokte echter bij de Waterlinie. Het rijke Holland werd zo gespaard. Maar Utrecht? Utrecht niet: van juli 1672 tot november 1673 werd Utrecht bezet. De provincie en haar inwoners leden enorm onder de brandschattende en plunderende Fransen.

Koetsrit door de provincie

Onderdeel van de tentoonstelling was er een spannende koetsrit. Egbert de Leeuw, belastingontvanger van de Staten van Utrecht, nam je hierin mee door het geplunderde Utrecht tijdens het rampjaar. Het was een puinhoop in de provincie, en de kas was tot op de bodem leeg. Hoe kwamen de Utrechters aan geld? Het werd een hobbelige rit, want de wegen lagen er slecht bij. 

kinderen in de koet bij Het Utrechts Archief
Ga mee op reis door Utrecht tijdens het rampjaar. Foto: Thijs Rooimans. 

Persoonlijke verhalen en getuigenissen

In de tentoonstelling Rampjaar 1672-1673 maakte je via persoonlijke getuigenissen mee hoe Utrechters deze rampen doorstonden. Theatergroep Aluin verdiepte zich in de Utrechters die dit Rampjaar overleefden. Wat dachten ze, hoe voelden zij zich? In zes monologen lieten zij zien hoe Utrechters de rampen doorstonden. 

Hier zie je kasteelvrouwe Margaretha Turnor. Zij heeft echt bestaan en was kasteelvrouwe van Amerongen. Ze schrijft brieven aan haar man die als diplomaat in het buitenland bondgenoten zoekt. Ze schrijft over dagelijkse zaken én over de toestand in het land. Mede dankzij haar brieven weten we zoveel over het rampjaar. We treffen haar in juni 1672 als ze net naar Amsterdam is gevlucht: 


Hier zie je de boer. De boer staat symbool voor de ellende die de bevolking op het platteland en de kleine dorpen had te verduren van zowel vriend als vijand. In het oosten van de provincie hadden de boeren te lijden onder plunderingen door de Fransen, in het westen van de Waterlinie die hun land verdronk, en aan de frontlinie van allebei. We treffen de boer op het moment dat zijn poging om onderwaterzetting van zijn land te voorkomen is mislukt, ergens in de zomer van 1672:


Hieronder luister je naar de Zwitserse Soldaat. Hij is een huurling die niets tegen Nederlanders heeft, maar in het Franse leger dient om aan de kost te kunnen komen. Hij gruwt van de Waterlinie en wil zo snel mogelijk weer naar huis. We treffen hem begin november 1673 als het Franse leger op het punt staat weer te vertrekken:


Innovatief project Transkribus 

Kasteelvrouwe Margaretha Turnor schreef gedurende het Rampjaar vele brieven die Het Utrechts Archief heeft laten transcriberen: door de computer omgezet naar digitaal makkelijk leesbare tekst. In de tentoonstelling Rampjaar 1672-1673 kon je zien hoe dit gebeurde. 

 

Fondsen logos